Creatieve Verbindingen van Ella Hueting

Overpeinzingen van een onderwijsmanager

Cool Tools and the Melody Morph

This is a nice post by Bart Bakker about ‘Cool Tools, a Catalogue of Possibilities’ by Kevin Kelly, the founder of Wired. “A bible for DIY-ers in this century” as he says himself.

cool tools

Makes me think of the digital tools that are made in the  researchgroup of Mitchel Resnick: The life long Kindergarten, such as the Melody Morph, an iPad app for making interactive musical instruments and compositions. These are amazing examples of how techology is fun. Shouldn’t we use these tools in our educational programms? Working with these tools will make every child wanting to become an engineer (or a musician).

 

 

 

Advertenties

december 17, 2013 Posted by | boek | , , | Plaats een reactie

Van oerknal tot een kleine geschiedenis van bijna alles

Ik bleef er afgelopen donderdag speciaal voor thuis: het college bij De Wereld Draait Door door Robbert Dijkgraaf. En ik werd niet teleurgesteld. DWDD University heeft een prachtige start met het live college van prof Robbert Dijkgraaf : De Oerknal.Wie durft nog beweren dat een hoorcollege van 45 minuten niet meer van deze tijd is? DWDD doet haar naam letterlijk eer aan met dit programma.

de wereld draait door

Terwijl ik naar het college op de televisie luisterde werd ik voortdurend herinnerd aan het prachtige boek: A Short History of Nearly Everything van Bill Bryson. Bill Bryson doet echter nog meer (hij heeft natuurlijk ook meer ruimte in zijn boek): hij legt zowel het allergrootste als het allerkleinste uit met de menselijke maat. Van zowel (delen van) atomen, tot de kosmos. Iedereen die, net als ik, heeft genoten van het college van Robbert Dijkgraaf, raad ik aan het boek van Bill Bryson te lezen. Nederlandse titel: Een kleine geschiedenis van bijna alles.

mei 20, 2012 Posted by | boek, filmpjes, lezing | , | Plaats een reactie

Bach, Pablo Casals and O2jam

 

 

 

 

Last weeks I read a wonderful book: cello suites by Eric Siblin.

Eric Siblin is a journalist, living in Montreal. He studied history, plays the guitar and used to be a pop music critic for The Montreal Gazette.  And then he discovered the Cello Suites by Bach. It took him five years to do research on the Cello Suites and Pablo Casals who discovered the cello suites at the age of 14, in a obscure musicshop in Barcelona. He even learned to play the cello himself to get more involved.

 

He writes about the amazing Pablo Casals and his interpretation of the Cello Suites.

 

Last night I read the chapter about how Bach is still alive and kicking: in 2006, 20-years old  dj Danny Straton (alias DV 8) won the Bach Oregon Festival with a mix of Bach fugue G-minor. An briljant example about how music does not fit in a box. I did not find the remix made by DV 8, but looking on google to find the remix, to my surprise there are many remix examples of Bach’s music. An example of a remix by O2jam.

 

I never will listen to Bach at the same way again after reading this book. A lifechanging book for everybody who loves Bach.

juni 26, 2011 Posted by | boek | , , | Plaats een reactie

‘I hate classical music’

This is how Alex Ross Starts his book: Listen to this. Not that he really does not like classical music. On the contrary. He hates not the music, but the name. In an interview he tells us how the name is lacking of passion, is stuffy, remote. While there is a great deal of passion in classical music. In his book he tries to find the connection between classical music and the outside world, our contemporary culture and other forms of musical experiences. There are some links to be find. For example some songs of the Beatles were inspired by John Cage and Stockhausen. And also Bjorg and RadioHead have known a lot of classical music, according to Alex Ross.

 

april 4, 2011 Posted by | boek | , | Plaats een reactie

‘I am a sucker for harmony’

kasteel biljoen by martin werker

What a great day! After our weekly running tour, my runningmates Willy and Fennieke took me to a               beautiful place: a little bench at the lake of Biljoen castle. And there they gave me a wonderful present:

 

 

 

The sound of the Westcoast by Leo Blokhuis. A small beautiful box which contains a small book and four cd’s with the music of the westcoast from 1965-1979. And with every track a small story. I started listening and reading at the same time and could not stop. So many sweet memories. Although there are songs I never heard of before. The box is a tribute to popmusic. In fragments of interviews on his blog Leo tells us about his fascination for music of the Westcoast. And, to my surprise, it started with his early experiences in church: the music of Bach and the churchchoir. ‘I’m a sucker for harmony’. Is not it wonderful where classical music can lead us to?

Thank you, Willy and Fennieke, for this unique collection of the music of my youth.


april 3, 2011 Posted by | boek | , | Plaats een reactie

Instrumental Dance Music

A very creative experiment of dance music by a ensemble of classical music.

 

What means classical? Just read column by Alex Ross, columnist New York Times, in his great book ‘Listen to this’, who is very sceptical about the word ‘classical’ music. He writes: ‘I hate “classical music”: not the thing but the name. It traps a tenacioiusly living art in a theme park of the past. …. I wish there were another name.”

 

maart 20, 2011 Posted by | boek, filmpjes | | 2 reacties

Waarschuwing: hier komt de prestatiegeneratie

In plaats van een nieuwjaarswens stuurde Youngworks dit jaar aan haar relaties een nieuwjaarswaarschuwing. ‘Pas op: in 2011 kan jouw baan zomaar op het spel komen te staan als het aan de ‘Prestatiegeneratie’ ligt. Deze ondernemende jongeren staan te rammelen aan de poorten en te popelen om misschien wel jouw plek in te nemen.’ Young Works is HET bureau op het gebied van jongerencommunicatie en ik werk al een aantal jaar met ze samen. Huub Nelis en Yvonne van Sark hebben al eerder het boek Puberbrein binnenstebuiten geschreven. Hun recentste publicatie die ik vandaag ontving is De Prestatiegeneratie. In dit boekje beschrijft Young Works de enorme prestatiedrang onder jongeren. En ook de drive van jongeren om al op jonge leeftijd te gaan ondernemen. Tal van voorbeelden worden aangedragen. Jongeren zijn zelfverzekerd en zelfbewust. Zij vinden zich speciaal en daardoor zijn ze initiatiefrijker. Hun ouders (mijn generatie dus) stimuleren dat. Voortdurende worden kinderen in hun bijzonderheid bevestigd. Jongeren moeten gestimuleerd worden en daarom krijgen ze veel complimenten, zeggen ouders vaak tegen hun kinderen hoeveel ze van ze houden.

Het boekje prikkelt mij enorm. Ik vraag me af waarom. Ik herken er veel van in mijn omgeving en op de onderwijsinstellingen die ik ken. Tegelijkertijd ken ik ook veel jongeren die niet tegen die druk kunnen. En die daardoor juist onderpresteerders worden. Ook die groep wordt door Young Works beschreven in de keerzijde van deze ontwikkeling. Waar Young Works het niet over heeft is dat steeds minder jongens hoger onderwijs volgen en steeds meer meisjes. Hoe verklaren we dat dan? Wellicht door een latere pubertijdontwikkeling van jongens? De feminisering van het onderwijs? Young Works heeft eerder interessant onderzoek gedaan naar de verschillende types beta-studenten. Daarin onderscheiden zij de geinteresseerde generalist, de non-beta, de carriere-beta en de concrete beta. Het is een onderscheid tussen jongeren die op jonge leeftijd al precies weten wat ze willen en gefocust zijn en jongeren die dat nog niet weten en ook nog niet weten wat hun passie is. Het zou mij niets verbazen als dit onderscheid niet alleen voor beta-studenten opgaat maar voor alle jongeren. En dan, weer terugkomend op De Prestatiegeneratie: zou dit niet vooral gaan over jongeren die al precies weten wat ze willen. En door ons teveel op hen te richten, verliezen we dan niet een hele groep die juist die extra aandacht en zorg nodig heeft? Vooral ook jongens? Daar ligt volgens mij nog een mooie rol voor mijn generatie, de verloren generatie (afgestudeerd in de jaren ‘ 80): zorgen dat we iedereen binnen de boot houden.  Het risico ligt op de loer dat de prestatiegeneratie een selffulfilling prophecy wordt. En daarmee dus ook degenen die niet tot die groep gerekend kunnen worden: de onderpresteerders.

Al bij al een interessante publicatie die veel stof tot nadenken geeft. En ook alleen al door zijn prachtige vormgeving erom gevraagd wordt aangeschaft te worden. En verder blijft het natuurlijk heerlijk om elke dag met jonge mensen te werken, hen helpen hun talenten te ontdekken en te ontplooien. Dat te kunnen blijven doen is dan ook mijn eigen nieuwjaarswens.

januari 5, 2011 Posted by | boek | | 1 reactie

De laatste manager

Deze zomervakantie las ik een bijzonder prikkelend boek: De laatste manager, een pleidooi voor vrijheid, gelijkheid en ondernemerschap door Ben Kuiken.

Hij begint dit boek op een van de eerste bladzijden met de stelling dat het huidige besturingssysteem een systeem in verval is. ‘ De laat industriële mens had zich georganiseerd in grote, logge organen die niet meer te besturen waren en die alleen  met angst, onderdrukking of financiële prikkels overeind konden gehouden worden. Grote legers functionarissen, managers genaamd, moesten erop toezien dat de gewone werker, eufemistisch “medewerker” genoemd, datgene uitvoerden wat de top van de organisatie had bedacht. Uiteindelijk verloren ook zij de greep op hun organisaties en stortten deze tijdens enkele crises aan het begin van de eenentwintigste eeuw als kaartenhuizen in elkaar.’ Dit is een mogelijke terugblik in de toekomst op ons huidige managementsysteem.

Ben Kuiken beschrijft in zijn boek steeds groter wordende organisaties waarbij het werk op een zodanige manier georganiseerd wordt dat de mensen in de organisatie die het echte werk moeten doen gelost raken. De discrepantie tussen de top van de organisaties en de medewerkers wordt steeds groter. Managers, vooral het middenmanagement, doet zijn uiterste best om de kloof te overbruggen maar faalt jammerlijk. Vooral bij organisaties met veel hoog opgeleide mensen (kenniswerkers) zou deze problematiek groot zijn. Getuige de onvrede in en over organisaties met veel kenniswerkers, zoals bijv. de zorg en het onderwijs, is deze problematiek wel herkenbaar. De vraag waarom het huidige systeem dan nog in stand blijft, en als je het zou willen veranderen, hoe? is dan natuurlijk ook  buitengewoon interessant. Kuiken zoekt de oplossing in ‘ organisaties die anders zijn ingericht, zonder dikke lagen managers of grote kantoren. Organisaties die hun medewerkers weten te inspireren om het beste van zichzelf te geven. Niet ter meerdere eer en glorie van zichzelf of voor de bonus van de baas, maar omdat het hun werk is. En omdat ze daarmee anderen…kunnen helpen.’

In het eerste deel van zijn boek gaat Kuiken vooral in op de symptomen van het huidige systeem en in het tweede deel van zijn boek op de zoektocht naar de nieuwe organisatie. Ik ben het met recensent Harold Jansen eens dat vooral het eerste deel van het boek van Kuiken sterk is. Hierin beschrijft hij verschillende dilemma’s: wanneer is een organisatie zo groot dat de voordelen van schaalgrootte niet meer opwegen tegen de nadelen van zwaarlijvigheid? Beseffen moderne leiders die zichzelf vooral zien als passanten, hoe destructief hun houding is voor de motivatie van het middenkader, voor de inzet van de mensen op de werkvloer, kortom voor de loyaliteit van de medewerkers aan de organisatie? Meer vrijheid voor medewerkers, heeft ook een prijskaartje, namelijk het leveren van resultaten. Dit zijn interessante, overtuigende en herkenbare thema’s die wat mij betreft nog verder uitgewerkt hadden mogen worden. Het tweede deel vind ik minder overtuigend. Hij geeft hier niet echt een onderbouwde visie op hoe organisaties beter ingericht kunnen worden. Het Semco verhaal kennen we langzamerhand wel. En het verhaal over Buurtzorg Nederland vind ik niet zo overtuigend. Elke organisatie zal toch zijn kwaliteitszorg geborgd moeten hebben, al was het maar vanuit de maatschappelijke druk. Niet in de laatste plaats door de pers, die er bovenop zit als er ergens een fout gemaakt wordt, en dan blijkt dat de procedures niet gevolgd zijn. En dat geeft dan ook meteen aan waarom het zo moeilijk is om de huidige organisaties waarover we ontevreden zijn, te veranderen. Liever had ik gezien dat Kuiken aan de hand van zijn interessante analyse zou aangeven hoe je op basis van andere principes de innovatiekracht van je organisatie -lees: de betrokkenheid van de medewerkers- kunt bevorderen. Er is veel literatuur beschikbaar, met ook concrete voorbeelden, waar dat wel goed gaat. Lees bijvoorbeeld Eckhart’s notes van Eckhart Wintzen over de cellen binnen zijn succesvolle organisatie BSO. Of de innovatiekracht van ideeën van Isaac Getz . Helaas gebruikt  Kuiken geen literatuurverwijzingen, waardoor zijn boek toch wat amateuristisch aandoet. En dat is jammer, want hij heeft wel een punt. En zijn opmerkingen zijn bijzonder prikkelend. Die verdienen het om beter uitgewerkt te worden.

september 19, 2010 Posted by | boek | | 5 reacties

Het is tijd voor nieuwe creatieve verbindingen: ik vertrek bij de HAN

Met ingang van 1 september as, de start van het nieuwe studiejaar,  neem ik afscheid van de HAN.  Het was geen gemakkelijk besluit maar soms zijn er momenten in het leven dat je moet doen wat je hart je ingeeft, ook al doet dat pijn. Na 20 jaar bij de HAN wordt het tijd voor een nieuwe ‘uitdaging’. Met veel plezier kijk ik terug op de afgelopen 20 jaar dat ik bij de HAN gewerkt heb. Eerst als docent en afdelingsdirecteur bij de Faculteit Economie. Vanaf 2001 als directeur bij ICA, samen met Deny Smeets. En sinds 2007 bij de Faculteit Techniek. Het waren mooie ervaringen waar ik met fijne mensen heb mogen samenwerken: allemaal mensen met een passie voor het onderwijs. De afgelopen 3 jaar staan nu natuurlijk het sterkst op mijn netvlies en ik ben trots op wat we met de onderwijs- en onderzoeksteams bereikt hebben: tegen de stroom in toch een instroomgroei van zo’n 18%. Ook dit jaar zien we de instroom weer groeien. In absolute aantallen niet zoveel, maar in marktaandeel doen we het goed. Voor Autotechniek blijven heb moeilijke tijden, maar die hebben met veel inspanning en in een spannende tijd met veel bezuinigingen toch enorm aan de weg getimmerd. We hebben mooie accreditaties gehad, en hebben een goede naam bij bedrijfsleven en overheid, als je af mag gaan op het positieve instellingsportret, de innovatieprijs die we vorig jaar ontvingen en de tientallen prijzen die onze studenten en medewerkers in de wacht wisten te slepen. Ook bij de opening van het nieuwe studiejaar van de HAN zijn er weer enkele studenten en medewerkers van onze faculteit genomineerd. En 3 bacheloropleidingen met de grootste studenttevredenheid binnen de HAN in 2010 komen van onze faculteit.

Het is tijd voor iets anders en de komende periode heb ik ruimschoots tijd om daarover na te denken. Het moet in ieder geval weer iets met onderwijs zijn. Daar ontkom ik niet meer aan: aan het onderwijs heb ik mijn hart verpand. Het opleiden van jonge mensen, hen ondersteunen om hun talenten te leren ontdekken, is wat mij betreft het mooiste werk dat er bestaat. Op mijn 50ste verjaardag kreeg ik een prachtig boek  Wisdom van Andrew Zuckerman. Het begint met een uitspraak van Desmond Tutu: “One of the greatest gifts we can give to another generation is our experience, our wisdom. ” Dat is mijn passie.

Jos Coonen zal voorlopig mijn functie waarnemen, sinds november 2009 ad interim werkzaam bij onze faculteit op het gebied van financien en bedrijfsvoering. Ik heb hem leren kennen als een betrouwbare, deskundige en  hartelijke collega, met niet alleen oog voor bedrijfsvoering, maar ook voor onderwijs. Ik heb alle vertrouwen in de toekomst van de faculteit. De basis is goed onderwijs en onderzoek. En met onze gepassioneerde medewerkers en enthousiaste en gedreven studenten gonst het van creativiteit.

En dan kom ik toch weer uit bij de techniek, communicatie en creatieve verbindingen. Want is het niet mooi dat de techniek het mogelijk maakt dat we digitaal kunnen communiceren, en creatieve verbindingen kunnen leggen in een netwerk dat we op een analoge manier niet zo uitgebreid hadden kunnen bereiken? Het is tijd voor nieuwe creatieve verbindingen.

augustus 23, 2010 Posted by | boek | | 3 reacties

Mitch Resnick een van ’s werelds invloedrijkste mensen op het gebied van techniek in educatie

Mitch Resnick, staat in het compendium van Tech&Learning als een van de meeste invloedrijke mensen die zorgt voor vooruitgang in de techniek middels educatie. Janne Reessink en ik hebben hem twee keer mogen ontmoeten bij ons bezoek aan het Medialab. De X-pollinates (waaronder Jay Silver) hebben anderhalf jaar gelden op onze faculteit een week lang workshops verzorgt met Scratch en de PicoCrickets. Hugo Arends mocht dit voorjaar participeren in hun onderzoeksgroep. We bevinden ons in goed gezelschap!

“AS PART OF OUR 30TH-ANNIVERSARY CELEBRATION, Tech & Learning continues to compile a compendium of the most influential people affecting the advancement of technology in education.’

 “Mitchel Resnick

Mitchel Resnick

Anybody who likes building robots with a LEGO MindStorms kit can thank Mitchel Resnick. The LEGO Papert Professor of Learning Research and head of the Lifelong Kindergarten group at the MIT Media Laboratory investigates how new technologies can help people create. One offshoot of that research has been the development of a “programmable brick” that formed the basis of the LEGO MindStorms robotics kit. Another is Scratch, an online community where children can program and share interactive stories, games, and animations. He cofounded the Computer Clubhouse, a global network of after-school centers where disadvantaged youth use new technologies to express themselves creatively. “

juli 12, 2010 Posted by | boek, prijs | , , | Plaats een reactie